(25) STATISTIEKEN NOORDKAAP 22

Zoals beloofd hierbij nog één bericht; de statistieken van mijn vierde grote fietsreis en de tweede keer dat ik de Noordkaap heb befietst. Alle lezers van mijn webblog de afgelopen bijna-3 maanden: hartstikke leuk dat jullie me volgden en de reis meebeleefden. Bedankt voor jullie reacties en wie weet tot een volgende keer!

Geplaatst in Noordkaap 22 | Een reactie plaatsen

(24) WEER THUIS!

ALKMAAR, dinsdag 16 augustus 2022.

Dag 82, 83, 84. Route: Cloppenburg – Lathen – Ter Apel – Exloo – Appelscha – Heerenveen – Balk – Stavoren – Enkhuizen – Hoorn – Alkmaar. Kilometerstand: 6168 (eindstand).

De reis eindigde zo’n beetje waar ie begon: op de Bep Glasius, de veerboot over het IJsselmeer, nu van Stavoren terug naar Enkhuizen. Na een paar flink warme overnachtingen in Duitsland de laatste twee in Nederlandse hotels mét airco. En gisteren overdag een paar heerlijk verfrissende regenbuien in de buurt van Smilde. De laatste dag in Duitsland ging over kleine wegen waar nauwelijks verkeer was. Ook weinig fietspaden, dus van gehobbel weinig last nu. Talloze maisvelden en velden waaraan duidelijk te zien was dat er een flink neerslagtekort is.

De grens bij Ter Apel

Vlakbij Ter Apel de grens over. Hoewel de grenscontroles al tijden afgeschaft zijn, zijn de karakteristieke douanekantoren nog goed herkenbaar. Ze hebben alleen een geheel andere functie gekregen. De eerste overnachting op Nederlandse bodem wilde ik per se doen op Hunzebergen, een voormalig kampeerterrein annex vakantiepark vlakbij Exloo. Als 16-jarige was ik daar voor het eerst, met een stel vrienden op de fiets, toen al. Ook hier geldt dat de tijd niet stilstaat: van de camping is niets meer over en de vakantiehuisjes zijn afgebroken en worden vervangen door luxe Landal-chalets. Op de plek waar ‘vroeger’ de dancing was -Roll over lay down-, is nu de wellness. En het hoofdgebouw is getransformeerd tot Fletcher hotel. Met dus daar een kamer voor mij.

Daarna verder door het mooie land Drenthe; Orvelte, Westerbork, Appelscha. Laatste overnachting in Heerenveen. Die plaats ligt op mooie fietsafstand van Alkmaar en ik kan daarvandaan kiezen hoe ik de laatste 100km ga rijden. Afsluitdijk/bus of Gaasterland/boot. In Drenthe en Friesland word ik uitbundig toegevlagd in de kleuren blauw-wit-rood. Eerst vermoed ik nog dat een enkele vlag abusievelijk verkeerd om is opgehangen, maar de volgorde van de kleuren houdt aan. Ik vrees dat tijdens mijn absentie Nederland is ingenomen door de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein. De kleuren van hun vlag zijn immers blauw-wit-rood. Ik behoor tot de Holsteiners van nu af aan, begrijp ik?

Het wordt dus de boot Stavoren-Enkhuizen. In 80 minuten over naar de home-provincie Noord-Holland. De laatste dag ook weer in zwoel weer, ruim 25 graden en een windkracht 3 tegen. Maar de benen zijn voortreffelijk. Als ik word ingehaald door een enthousiaste veertiger met elektrieke fiets, haak ik aan en kan ik een flinke tijd in de slipstream meerijden. Heerlijk toch, die elektrische ondersteuning!

Thuis!

Even na 6 uur ’s avonds ben ik uiteindelijk weer thuis. Partner Remco en vriendin Maria wachten me op, en mijn goede buren begroeten me enthousiast. Over met de rust ;). Ruim 6000 kilometer en twaalf weken nadat ik van huis vertrok, ben ik weer terug. Een groot compliment aan mijn lijf dat het na een jaar vol medisch gedoe toch weer voor elkaar heeft gekregen om deze uitdaging te volbrengen. Evenzeer een groot compliment aan Fiets; geen enkel euvel, geen gebroken spaak of lekke band of iets anders naars. Met dank ook aan de mannen van rijwielhandel Floris uit Oudorp voor het zo goed prepareren van Fiets. Dank ook aan iedereen voor het volgen van van mijn reis en deze site. Dit was het laatste verhaal van deze vierde grote fietsreis, al zal ik over een paar dagen nog 1x terugkomen met wat statistieken en wetenswaardigheden. Als laatste nog zo enorm veel dank aan mijn geweldige partner Remco voor de ondersteuning en het geduld om me zo lang te hebben moeten missen!

Geplaatst in Noordkaap 22 | 1 reactie

(23) BIJNA WEER TERUG…

CLOPPENBURG (Niedersaksen), zaterdag 13 augustus 2022.

Dag 79, 80, 81. Route: Rendsburg – Glückstadt – Wischhafen – Bremervörde – Worpswede – Bremen – Cloppenburg. Kilometerstand 5888.

Route heen en route terug kruisen elkaar

Het schiet op! Vrijwel ongemerkt ga ik vanavond, zaterdag, de laatste overnachting in Duitsland in. En morgen aan het eind van de dag weer terug in Nederland. Tel er dan nog twee dagen bij en dan weet je dat Fiets en ik -even afkloppen dat alles blijft gaan zoals het gaat- aanstaande dinsdag 16 augustus weer thuis zijn. Maar eerst moet er nog wat afgehobbeld worden.

Een veel te vaak voorkomend waarschuwingsbord

Mijn eerste fietsvakantie ging van Alkmaar naar Darmstadt. Door een wat vreemde mix van een uit de hand gelopen soort weddenschap en een auto die langere afstanden niet aankon, legde ik toen zo’n 500km af (nou nou..). Naar Duitsland dus, toen al. Ik kan me van die tijd -1984- weinig fietspaden herinneren. Maar onze naaste buren hebben overduidelijk enorm geïnvesteerd in fietspaden, er zijn er veel meer dan ‘vroeger’, 40 of 30 jaar geleden. Maar het lijkt erop dat het bij goede bedoelingen van de aanleg is gebleven. Veel paden verkeren inmiddels in deplorabele staat en waarschuwingsborden als “Radwegschäden”, “Achtung! Baumwürzels” en “Radfährer absteigen” staan er eerder wel dan niet en doen de deemoedige tweewieler likkebaardend op het gladde autoasfalt ernaast blikken. Fietspaden hier zijn vooral bedoeld voor school- en boodschappenverkeer en niet voor vakantiefietsers die met 20 kilogram bagagegewicht door kuilen en over boomwortels moeten hobbelen. En niet één keer of één dag he…

Een alternatief is er alleen vaak niet. Het autoverkeer is te razend om je daar als fietser tussen te gaan wringen. Moet je ook niet willen. Duitsland afficheert zich als fietsland, maar er zal nog heel wat water door de Elbe moeten vloeien voor men de langeafstandfietser net zo heeft verblijd als de Autobahnreiziger. Misschien niet helemaal aardig van me om de fietsweg hier te bekritiseren. De Duitse definitie van de term ‘fietspad’ verschilt immers nogal van wat wij gewend zijn om onder ‘fietspad’ te verstaan. Kijk er hier niet van op dat je plotseling met Fiets en al midden door een bos wordt geleid, over een paadje van 50 cm breed. De weergoden zij dank dat het niet regent, anders kom je geheid vast te zitten. Het wk veldrijden straks in november in Modder valt in Duitsland ongetwijfeld ook onder de noemer ‘Fahrradpad’.

Mijn 64e verjaardag vierde ik in Glückstadt, aan de Elbe. Daar kruiste ik de heenroute. Die enorm brede rivier daar vervolgens overgestoken -de ferry doet er een half uur over- en zo van Sleeswijk-Holstein in de volgende Duitse deelstaat Niedersaksen beland. Het is inmiddels stralend mooi weer. Des te zuidelijker ik kwam, des te hoger werd de temperatuur. En des te dorrer de natuur. Langs vele maïsvelden nu.

Nog even een Hanzestad bezocht: Bremen. Op de heenreis had ik er al een aantal fraaie aangedaan, zoals Rostock en Lübeck. Ook het centrum van Bremen is van ongekende schoonheid. Het marktplein, de oude wijk Schnoor, het raadhuis, de dom, de smalle en zeer toeristische Böttcherstraße. Moet je eigenlijk een dag de tijd voor nemen. Maar hoewel ik die tijd heb, doe ik dat niet. De drukte van het stad, van het toeristenseizoen, ik beland daar zomaar weer in na al die tijd rustig en relaxed rondrijden en -kijken. Ik wil die drukte niet meer gewend zijn. Bovendien wemelt het van groenwitte Werder Bremer supporters en dito roodwitte maar dan van gegenstander VfB Stuttgart. Geen opstootjes, gebroederlijk flaneren ze langs de beelden van de Bremer Stadsmusikanten en Bremer Roland. Ik houd het bij een paar uurtjes bike-city-seeing. Fiets aan mijn zij.

Bremen – Marktplatz

Los van de fietspaden is Duitsland een prima land om in te vertoeven. De mensen zijn aardig -wat automobilisten daargelaten- en de Torten en Kuchen zijn onovertreffelijk. En het avondeten… drie keer op rij nu een schnitzel in verschillende versies. Voor nog geen 20 euro buikjerond. Inclusief een halve liter Bier vom Fass. Want dát behoeft de dorstige fietser. Voor slechts €3.50. Joehoe, Scandinavië! -Noorwegen voorop-, lezen jullie dit??

Vandaag de derde dag op rij met volop zon en temperaturen van net 30 graden. De laatste keer dat ik volop zon had, was toen ik op de Noordkaap stond. 11 juli…, een eeuwigheid geleden lijkt het. Ik schrijf dit vanaf mijn hotelkamer in Cloppenburg, op zo’n 90 kilometer van de grens. Balkondeur wijd open en die zal ik vannacht ook nog wel geopend houden. Als het terras- en verkeersgeluid dat toelaat tenminste. Nog drie dagen te gaan, waarvan een dag morgen waarschijnlijk weer hobbeldebobbel. Dat overleven we ook nog wel. Je leest erover in mijn allerlaatste bericht op deze site. Als we weer in Alkmaar zijn. Tschüss!

Geplaatst in Noordkaap 22 | 2 reacties

(22) WHEN I’M SIXTY-FOUR

RENDSBURG (Sleeswijk-Holstein), dinsdag 10 augustus 2022.

Dag 75, 76, 77, 78. Route: Viborg – Ikast – Billund/Legoland – Kolding – Haderslev – Aabenraa – Flensburg – Schleswig – Rendsburg. Kilometerstand: 5624.

“When I get older, losing my hair, many years from now… Will you still need me, will you still feed me, When I’m sixty-four (John Lennon/ Paul McCartney)

Al vanaf m’n elfde vraag ik me af of het ooit zover zal komen. En kijk aan… over een paar uurtjes is het zover. Then I’m sixty-four. Toch nog gehaald! En dat zal ik dan vieren, als zo vaak, zielig en alleen -eens noemde een van m’n leerlingen me Remi (tot mijn tevredenheid las hij in ieder geval wel eens een boek)-, ergens in de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein. Aan de verjaardagstaart zal het niet liggen. Vandaag had ik er weer zo een, zo’n onovertroffen Deutsche Torte, met peer en karamel. Op een pleintje in middeleeuws Schleswig. Zoooo lekker! Ondernemerstip: start een echte, authentieke Deutsche Konditorei in een willekeurige Nederlandse middelgrote plaats en je loopt geheid binnen. Wel nog even een goede bakker regelen voor de authentieke Duiste Taarten.

in Schleswig

Duitsland dus inmiddels. Gisteren eind van de middag bij Flensburg binnengereden. Linea recta door naar een hostel, want ‘ganz Flensburg’ was volgeboekt. Geen idee waarom, maar naar men zei ‘weil es Sommer ist’. Ik ben uiteindelijk vijf dagen in Denemarken geweest. En in die vijf dagen heb ik hoogstpersoonlijk vastgesteld dat het met de graanschuur in dit deel van de wereld wel snor zit. Óf ik reed net stomtoevallig dié route waar zich net álle graanvelden van Denemarken bevonden. Óf de Deense VVV had een toeristische route uitgestippeld waarbij de indruk moest worden gewekt dat heel Denemarken bedekt wordt door het bruin en o ja, ook nog door het groen van de aardappelvelden. Een vruchtbaar land.

Kleurrijk was het gelukkig meer in de dorpen en steden. Heel leuk en kleurig: Kolding, Haderslev en Aabenraa. En natuurlijk de Deense versie van ons Madurodam: Legoland, met al z’n miniatuurwerken. Ben je in Denemarken, dan ga je naar Legoland tenslotte. Een aardig deel van het park was ingericht met miniatuur-‘Holland’. Zooo leuk! Het kind van elf werd weer even tot leven geroepen, bijna 53 jaar later. Ik had met mezelf afgesproken dat ik niet in een wachtrij voor een attractie zou gaan staan en alleen bij de Lego zou gaan kijken. En dat lukte. Ik was inkomende bezoeker nummer 24.318 en drie uur later vertrekkende bezoeker nummer 1. Er moest weer gefietst worden immers. Zestig euri armer maar het kind in mij weer blij.

Holland in Legoland

Dat waren dan 400 kilometers in Denemarken. Een klein percentage van het totaal van ruim 6000 waar ik volgende week op zal eindigen. In Duitsland ga ik nu eerst weer door Sleeswijk-Holstein, zij het een andere route dan die ik heen gedaan. Zo wilde ik nog per se langs de oude en fraaie stad Schleswig gaan. Belofte nog voortgekomen uit de USA-reis van 2017. Ik ontmoette daar Rex, ook wielerliefhebber. We hebben nog steeds appcontact; zijn voorouders zijn eind 19e eeuw vanuit Schleswig geëmigreerd naar de States. Ik heb een fotoserie van de stad voor hem gemaakt, Cheers, Rex!

Na Schleswig was het trouwens over met het geklim en gedaal. 37.000 hoogtemeters staan er inmiddels op de teller en daar zullen er nu niet veel meer bij gaan komen.

De laatste nacht van mijn vierenzestigste levensjaar ga ik in in de plaats Rendsburg. U weet wel, aan het Nord-Ostsee-Kanal met die 68 meter hoge stalen spoorbrug. Ik verblijf hier in een goedkoop maar erg netjes hotel van de diakonie Duitsland. Inclusief maaltijden en een goede en gratis wifi-hotspot: Godspot. Ik bedenk ‘m zelf niet hoor; die Duitse humor toch ook…

De zomer is inmiddels dan toch gearriveerd. Na lang wachten. Sinds mijn Noordkaapdag (een maand geleden) heb ik geen dag meer gehad met volop zon. Dat was vandaag dan eindelijk weer zo. En dat zal wel blijven ook, gezien de voorspellingen. Nadat ik morgen al fietsend mijn verjaardag vier en afsluit in Glückstadt (dat kan toch geen toeval zijn…) volgen er nog zo’n vijf dagen om weer terug te komen op het eigen vertrouwde nest. Je leest er over in de komende twee laatste verhalen op deze website.

Geplaatst in Noordkaap 22 | 1 reactie

(21) DANISH DYNAMITE

VIBORG, Jutland/Denemarken, zaterdag 6 augustus 2022.

Dag 72, 73, 74. Route: Oslo <ferry> Frederikshavn – Brønderslev – Aalborg – Hobro -Viborg. Kilometerstand 5307.

Weer een nieuw land in, deze fietsreis. Denemarken. Donderdag 4 augustus een bootreis van 10 uur die me van Oslo naar Frederikshavn in het noorden van Jutland brengt. Met een uiterst merkwaardige aankomsttijd. Eén uur ’s nachts legt de DFDS-boot aan in de port van Frederikshavn. Even doordenkend was het ook wel logisch: de boot heeft als eindbestemming Kopenhagen en komt daar de volgende dag om 10 uur aan. Frederikshavn is dus slechts een tussenstop. Waar ik in het donker -want dat is het alweer aardig aan het worden- het hotel moet zien te vinden en waar mijn kamerpasje in een envelop bij de inmiddels gesloten receptie klaarligt. Ook weer gelukt. Vakantiefietsen betekent ook constant van alles regelen, maar alles komt altijd weer z’n pootjes terecht.

Tweeduizend kilometer Noorwegen zitten erop. Nog duizend te gaan naar huis. Afscheid genomen van Noorwegen, land met de buffetrestaurants waar geen bediening te vinden is. En waar je je scheel zoekt naar het bestek. Noorwegen, land dat de uitgedroogde fietstoerist geen biertje meer gunt om tien minuten over zes op zaterdagavond. Staat wel in de supermarktvakken, maar mag niet meer na zessen worden verkocht. That’s our law, sir. Dapper land dat ook mee wil doen met fietspaden, maar ze alleen van bushokje tot bushokje laat gaan. Aanvankelijk de ene kant, dan plots aan de andere kant. Uiteraard bedoeld om het zo veilig mogelijk te maken voor de schoolkinderen, maar het steeds oversteken van de weg werkt voor mij juist gevaar in de hand. Dag Noorwegen, land waar je meer dan in Zweden nog wel cash kunt betalen. Hier wordt het wisselgeld uit een automaat gefloept waardoor je het idee krijgt de hoofdprijs uit een gokkast te hebben gewonnen. Zwaaizwaai mooi en nat land, met je lekkere wafels en bruine zoete kaas. En wat het weer betreft; de finalerit naar de Noordkaap kon niet beter, ik had toen het mooiste weer van de Noordse wereld. De matige en natte twee weken daarna waren spijtig genoeg even te veel compensatie voor die prachtdag.

Glooiend Deens landschap

Denemarken dus. Hier zal ik geen 22 dagen rondrijden, beetje afhankelijk hoe de wind waait, ben ik hier in een dag of vier uit. En hoewel Denemarken om de hoek ligt en net als Nederland een prima fietsland is, ben ik er niet vaak geweest. In de jaren 80, een van mijn eerste fietsbestemmingen en natuurlijk in 2004, op de terugweg van Noordkaapreis versie 1.

Ik neem nu een andere route door Denemarken. Startend in de kop van Jutland. Letterlijk en je mag ’t ook beeldsprakelijk nemen. Direct de eerste dag, na een korte nachtrit (van boot naar hotel) en dito nachtrust, ga ik in westelijke richting naar Aalborg. Laat daar nou net windkracht 5/6 vandaan komen, die zonder al te veel beschutting over het Deense laagheuvelland briest. Ik heb twee dagen rust gehad en ben inmiddels goed getraind kun je wel zeggen, maar dit is meteen een heel stevige eerste beproeving van het nieuwe fietsland. Ook de tweede dag, 87 kilometer naar Viborg is zwaar. Onstuimig weer en de wind nog weer feller op kop. Tegenwindkracht 6 kan ik, met Noord-Holland als trainingsgebied, op zich wel hebben. Maar met name als de weg oploopt, is het zwaar. Danish Dynamite. Tegenwind in de klim, nou niet mijn meest favoriete bezigheid. En vlak Denemarken echt niet uit als het om hoogtemeters gaat. Verder valt Denemarken me tot nu toe landschappelijk wat tegen. Dat kan al gauw als je al zoveel moois gezien hebt, maar ik kan natuurschoon best wel aardig inschatten. Het landschap is groen of bruin, vrij open en er gebeurt eigenlijk maar weinig.

De steden Aalborg en Viborg zien er daarentegen alleraardigst uit. In Aalborg ben ik te gast bij kennissen die ik in Finland ook al had ontmoet. Heel gezellig! Morgen gaat het verder door (Mid)Jutland, richting Billund, want ik wil Legoland nog graag een keer terugzien. Tot zover!

Geplaatst in Noordkaap 22 | 2 reacties

(20) OSLO BEREIKT!

OSLO, dinsdag 2 / woensdag 3 augustus 2022.

Dag 67, 68, 69, 70, 71. Route: Tynset – Alvdal – Koppang – Elverum – Løten – Dal – Lillestrøm – Oslo. Kilometerstand 5147.

Oslo bereikt na 5147km

We zijn er! De volgende mijlpaal… Oslo is bereikt. Na ruim vijfduizend kilometer en tweeduizend daarvan in Noorwegen. En alsof het zo moest zijn; juist op het moment dat ik vanmiddag incheck in mijn hotel hier, begint het flink te regenen. En dat doet het op dit moment van schrijven (21.00u ’s avonds) nog steeds. Gelukkig heb ik het sinds het vorige bericht droog gehad.

Het vorige bericht kwam vanuit Tynset, in het fraaie Østerdalen, waar de rivier de Glåma -de langste rivier van Noorwegen- stroomt. Vier hytte-overnachtingen op een camping op rij. En stuk voor stuk prima trekkershutten met prima faciliteiten en voor Noorse begrippen redelijk betaalbaar. In Koppang staat de hut op een camping gerund door Nederlanders waar ook vrijwel alleen maar landgenoten waren. In Elverum stond mijn hytte pal aan de rivier. Geen muggen of ander ongedierte waar Scandinavië wel berucht om is. Te koud ervoor nu. Van die insecten heb ik vooral in Lapland last gehad, toen het zo warm was. Die nare grote steekvliegen, brrrr als ik eraan terugdenk.

De laatste twee dagen slingert mijn route langs de grote wegen #3 en E6. Dat zijn drukke, doorgaande routes met veel verkeer. Zeker hoe zuidelijker je komt. Maar beide wegen zijn nieuw aangelegd en veel breder gemaakt, waardoor de oude weg uit de roulatie is gehaald. Althans: die ligt er nog wel, maar wordt alleen nog gebruikt door lokaal verkeer. En door fietsers. Fijn breed fietspad!

Waar de Noren goed in zijn, is het aanleggen van tunnels. Dat weten we van de grote tunnels voor het autoverkeer. Maar ook aan de fietstunnel is gedacht. Het gebeurt me dagelijks wel een keer of 10 dat ik onder de weg door moet, diep zo’n tunneltje in, op het diepste punt een bocht moet maken, stil val en dan weer steil omhoog moet ploeteren.
Meer leuke ideeën van de Noorse wegenbouwers: de doorgaande weg even afsluiten voor fietsverkeer en dan met een geel omleidingsbordje de fietser de bergwand insturen. Daar heb ik vorige keer over verteld. Is alweer een paar keer meer gebeurd. Ander voorbeeld van ‘meedenken’ met de argeloze tweewieler: een op het oog fraai fietspad aanleggen, maar dat niet ‘hard’ maken. Blijkt los grind te zijn. Probeer daar maar eens doorheen te komen, met 20 kilo bagage.

Langs het mer Mjøra

Ik ben nu voor de derde keer met de fiets in Oslo. Om wat te variëren, dacht ik dat het wel aardig zou zijn om een andere route naar Oslo-centrum te doen. Via Lillestrøm, ten oosten van Oslo. Geen slimme keuze, achteraf. Lillestrøm is een grote drukke plaats en eigenlijk begint daar de agglomeratie-Oslo al. En is het 25 kilometer een lang lint van voorsteden aan elkaar. Strømmen, Løvenstad, Fjellhamar, Lørenskog, Visperud, Høybråten, Atna, Haugerud, Helsfjyr. U kent ze wel. Onderbroken en aan elkaar gelijmd als ware het Ikea-bouwstukken. Het bruggetje is gemaakt: behalve een lang lint aan industriegebieden is ook de onvermijdelijke knalgrote Ikea-vestiging aanwezig. Het fietspad kronkelde over het blauwgele parkeerterrein van een paar vierkante kilometer, waarover aanhangwagens en busjes vol Billy’s, Lomards en Havsta’s de weg naar de uitgang trachtten te vinden.

Maar toch, uiteindelijk, Oslo dus. De portemonnee kon weer wijd open. Of beter -we zijn in Scandinavië tenslotte- de creditcard kon weer stevig belast worden.
De prijzen van de hotelkamers hier zijn conform de Lofoten-norm. Checkt u zelf maar even iets als Booking.com, doe dat voor de lol. Maar klik vooral niét op ‘betalen’. Als een vorm van compensatie hoeft Fiets de nachten niet door te brengen aan een lantaarnpaal die voor het hotel dienst doet, maar mag-ie mee op de hotelkamer. Die oplossing heb ik zelf maar bedacht, de Noorse/norse receptionist was niet zo soepel met het inleven in het wereldje van de fietstoerist.

Oslo: raadhuis

Woensdag 3 augustus ben ik hier een dag om te toeristen. De foto’s van Oslo staan inmiddels ook op deze website. Highlights die je niet mag missen hier: het Koninklijk Paleis, het raadhuis met zijn twee kenmerkende torens, de Akerhus vesting, Aker Brygge en natuurlijk het prachtige Vigeland sculpturenpark. Gratis te bezoeken en vol toeristen, maar een juweel van een park! Morgen, donderdag 4 augustus, ga ik met de ferry naar Denemarken. Die komt aan land in Frederikshavn en daar begint dan het laatste deel van deze legendarische fietsreis.

Geplaatst in Noordkaap 22 | 3 reacties

(19) TRONDHEIM EN DE TREK NAAR HET ZUIDEN

TYNSET, vrijdag 29 juli 2022.

Dag 63, 64, 65, 66. Route: Steinkjer – Straumen – Leksvik – Vanvikan – Trondheim- Støren – Berkåk – Kvikne – Tynset. Kilometerstand 4783.

Inmiddels heb ik Trondheim bereikt. Sterker nog, dat is alweer drie dagen geleden en ben ik alweer een stukje verder naar het zuiden; dit blog is een stuk trager dan mijn fietssnelheid. Trondheim: derde stad van Noorwegen en hoofdstad van de provincie Trøndelag, zetel van voetbalclub Rosenborg BK. Een oude handelsstad met vesting. Befaamd om de gekleurde pakhuizen langs de rivier de Nidelva. Fijn om daar even een pauzedag te hebben. Ik bereik Trondheim best wel slim vind ik door niet de steeds drukker wordende E6 te volgen, maar de route ten noorden van het Trondheimfjord te doen en dan met de snelferry over te steken. Dat rustige weggetje is echter een route met flinke ops en afs. Ziet er op de kaart uit als een leuke weg langs het water. Een klassiek fietsmisverstand. Leuke weggetjes op de kaart langs het water kunnen in werkelijkheid heel anders uitpakken. Ik wil je bij gelegenheid nog wel eens mijn ervaring meegeven van een ‘leuk weggetje langs het water’ in Chili. Helse boel.

Zo erg is het nu ook niet, al heeft Thor die dag uitgekozen om er weer eens een heerlijk natte boel van te maken. Maar ik oude man krijg op die route een ongekende boost aan zelfvertrouwen wanneer ik twee andere wielrenfietsers, jonge mannen van een jaar of 20 met veel minder bepakking dan ik, in volle klim voorbij zoef. De een heb ik al snel te pakken, de ander probeert me nog heldhaftig voor te blijven maar is na een luttele minuut ook kansloos tegen deze adrenalinekick. Voelt goed hoor, zo’n inhaalactie van oud tegen jong. Mijn dag kan niet meer stuk.

Hoog boven het centrum van Trondheim ligt de vesting Fort Kristiansen. Een flinke tippel daarnaartoe, ook per benenwagen. Voor fietsers doet op weg naar boven naar dat fort een fietslift dienst. Omdat de helling veel te steil is om ertegenop te fietsen (ik schatte in meer dan 25%), kun je -tegen betaling uiteraard- ervoor kiezen je mechanisch te laten vervoeren. Je plaatst je voet in een soort schacht waardoor je met fiets en al omhoog wordt vervoerd. Idee voor meer plekken in Noorwegen. Ik ken inmiddels nog wel wat hellingen die daarvoor ook geschikt zijn.

Van het hart van de stad is jammer genoeg weinig te zien. Het oogt alsof Christo weer een nieuw inpakproject heeft ontwikkeld. Alle straten rondom de torget, het centrale plein, worden bevolkt door af en aan rijdende vrachtwagens en de straten en pleinen zijn ingepakt in kilometers wit zeil dat als een soort Culinair Plaza de rest van het centrum onzichtbaar maakt.

Hytte op camping Halland in Rennebu

Ik kan op zo’n fietsvakantie moeiteloos omschakelen van heel basic (tent, maar o zo brrrr ’s nachts) naar een viersterrenhotel waar het aan weinig ontbreekt. Omdat ik vind dat ik het verdien, trakteer ik mezelf op het Radisson Blue. Een aanrader. Met Fiets en al in de lift naar de zesde etage. Heerlijk altijd, om de gezichten van de voor de lift wachtende hotelgasten te zien als ik er met Fiets, in vol ornaat, uitkom.

Na Trondheim is het nu echt in rechte lijn naar het zuiden, Oslo is nog zo’n 550km. Een lekker langzaam oplopend fietspad leidt tot een Oostenrijks aandoende vallei waar ook de hoofdweg, de E6, zich doorheen slingert. Soms is deze hoofdweg verboden voor fietsers, bijvoorbeeld als er een lange tunnel is. Je wordt dan als fietser omgeleid. Een keer helemaal de bergwand ingestuurd, over glibberig gravel en 4km à 9%. Dank u wel.

Die hoofdweg E6, lang gevolgd, heb ik vandaag verlaten. Er ligt een andere route door het Østerdalen, langs de rivier de Glåna, min of meer parallel. Maar smaller en minder druk wat verkeer betreft. Ook zijn er diverse campings langs deze route, wegnummer 3. En nu weer mazzel met het weer, vandaag 21 graden en zonnig. Het is heel veranderlijk hier.

Erg leuk om als overnachting een ‘hytte’, een cabin, te doen. Waren deze trekkershutjes vroeger voorzien van vijf wanden hout met een deur en een stapelbed, tegenwoordig zijn ze alweer uitgerust met koelkast, kookplaat, meubilair en als je het geld ervoor over hebt met toilet, douche en televisie. Ook kunnen de kleren weer eens lekker gewassen worden. De hytte-overnachtingen zijn in Berkåk en Tynset. Morgen in Koppang. Langs de rivier. Kortom, that’s the way to Oslo. Aha aha. We komen eraan!

Vandaag weer zonnig; zoveel mooier alles!

Geplaatst in Noordkaap 22 | 5 reacties

(18) OVER FJORDEN EN FJELLEN

STEINKJER, maandag 25 juli 2022.

Dag 58, 59, 69, 61, 62. Route: Mo I Rana – Mosjøen – Trofors – Majavatn – Namsskogan – Grong – Steinkjer. Kilometerstand 4500.

Trondheim nadert

Even taalkundig afperken alvast: je kunt niet óver een fjord fietsen. Een fjord is een diepe inham vanuit zee met aan beide kanten steile wanden. Je kunt wel lángs een fjord fietsen en dat heb ik geregeld gedaan de laatste tijd. En je kunt eróver vertellen. Dat geldt voor fjellen ook. Maar daar kunt je juist wél weer over fietsen.

Een fjell; een berg, een hoogvlakte. En ook daar heb ik er al een aardig aantal van achter de rug. Noorwegen kent een flink aantal fjorden en fjellen. En die zijn het mooist als de zon erop schijnt, als het helder is. Heb ik niet veel van mogen meemaken, maar de laatste paar dagen af en toe gelukkig wel.

Want eindelijk, na een week of twee nattigheid, lijkt het erop dat het weer  verbetert. De temperatuur is stijgende. Vandaag, maandag, zelfs 23 graden! Ik kom ook steeds meer naar het zuiden, dat scheelt ook een flinke hap. Trondheim komt in zicht -wil ik morgen zijn- en het regengevoelige noorden van dit land heb ik achter me gelaten. Fingers crossed.

De ‘grens’ tussen Noord-Noorwegen en Trøndelag,
waar ik nu fiets

Fjorden: het Skerstadfjord, Ranafjord, Beitstadfjord. Alle in nevelen gehuld. Zware, donkere, laaghangende bewolking die de helft van de berghoogte aan het zicht onttrekken. En niets een gezellig fietspad vlak langs het water. Het is continu flink op en af, hard werken. Fraaie vergezichten ondanks die bewolking.

Fjellen: ik noemde eerder de Saltfjellet al, het dak van mijn tour. Daar kwam een paar dagen geleden de Korgfjellet bij. Maximale hoogte 555m. Voor fietsers dan. Automobilisten mogen gebruik maken van een van die duizenden tunnels die dit tunnelland rijk is. Steil omhoog ging die klim, tussen 6 en 10%. En hoe hoger, hoe natter. Mist wordt wolknevel en nevel wordt wolkregen en met kletsnatte bovenkleding bereik ik het cafeetje op de top en kleed ik me daar om. Even pauze en dan afdalen. Op kleddernat wegdek, in kleddernatte omstandigheden. Je snapt meteen waarom in een lunapark de steilste attractie dichtgaat bij slagregens: je ogen doen pijn van de neerslag. Afdalen ook 6 a 9%. Ik vind afdalen best leuk en Fiets ligt met al dat gewicht solide op de weg. Maar in deze omstandigheden is ’t toch even billenknijpen. Gelukkig ga ik als enige stroomafwaarts, want alle auto’s nemen  de droge tunnel. Lengte acht kilometer. Maar Fiets laat me niet in de steek -op een hopeloos vastgelopen ketting na, eerder, sorry Fiets, schakelfout-. De remmen houden het (nog ouderwetse remblokjes) en wederom kletsnat, nu met alles aan regenpreventie aan, bereik ik weer de hoofdweg. Waar al het andere verkeer kurkdroog… uit de tunnel komt.

De E6 weer op. Die hoofdroute volg ik. Die verbindt het noorden van Noorwegen met Oslo. Zo’n 2500km en een aardig deel doe ik daarvan. Soms even eraf, soms even de oude weg. Veel nieuwe stukken, breder, meer vluchtstrook. Voor de fietser wel zo veilig. Soms rustig en bij vlagen drukker. Nog steeds tegemoetkomende campers die naar het noorden willen. De Lofoten als reisdoel. Met mijn regenervaring en gezien de weersvoorspellingen zou ik ze allemaal wel willen terugsturen. Ga er niet heen! Het is nat en druk. Het verkeer is trouwens reuzevriendelijk voor mij als fietser. Op die ene luid toeterende vrachtwagenchauffeur na, die waarschijnlijk zijn dag niet had. Of mij te laat gezien had. Of niet van fietsen/fietsers houdt. Of geel geen mooie kleur vindt. Of een combinatie van dit alles. Voor de rest wordt er keurig altijd achter me gewacht en veelal helemaal via de andere baan gepasseerd. Al stemt anderhalve meter passeerafstand me tevreden. Er staan ook geregeld aandachtsborden met foto’s van fietsers langs de weg: Del veien. Deel de weg.

Het landschap met de open vlakten, de fjellen en de reuzen van bergen waar nog opvallend veel sneeuw ligt, is de laatste twee dagen aan het veranderen. Het wordt wat lager, groener en lieflijker. Ik kom steeds zuidelijker. De duisterdonkerheid van de nacht is terug. De temperatuur stijgt. Zeker als de zon nog eens mee gaat doen. Gisteren voor het eerst weer eens in korte broek gefietst. Het was plots 10 graden warmer en ik blies mezelf bijna op met lange broek en dito mouwen. Wel in schril contrast met mijn laatste tentovernachting op de camping in Namsskogan. Zes graden aan de grond. Best brrr. Dank aan mijn campingburen uit Maastricht voor de geleende fleecedeken!

Prachtige hoofdstraat in Mosjøen

Zoals gezegd, vandaag maar liefst 23 graden. Geen fjord, maar een 40km lang meer, Sjåsovaten. Lekker langs de oever van het meer de beentjes laten draaien. Nou nee, ook dit stuk was hard werken. Steeds maar weer op en af, geen kilometer vlak. En uiteindelijk gaan al die 7%- hellingen flink in de benen zitten. Maar Trondheim nadert. En een verdiende pauzedag ook.

Geplaatst in Noordkaap 22 | 2 reacties

(17) NATTIGHEID IN NOORWEGEN

MO I RANA (Midden-Noorwegen), woensdag 20 juli 2022.

Dag 53, 54, 55, 56, 57. Route: Lofoten, Leknes – Ramberg – Moskenes – (ferry) Bodø – Fauske – Rognan – Saltfjellet – Mo I Rana.  Kilometerstand: 4127.

De terugweg ingezet

Heel Europa bezwijkt bijna onder de hitte. Héél Europa? Nee, een klein gebied in het uiterste noorden blijft hardnekkig weerstand bieden aan de zomer en maakt het leven van de argeloze fietser bepaald niet gemakkelijk.

Even wat later dan je gewend bent, dit bericht, maar ik heb een paar dagen in de woeste wildernis doorgebracht waar of geen of heel slecht wifi-signaal was. Vandaar nu berichten over de afgelopen vijf dagen. Over de Lofoten, Bodø (wereldcultuurstad 2024), het dak van de reis en de terugkeer over de poolcirkel. En de weersomstandigheden.

De Lofoten heb ik inmiddels achter me liggen. Met gemengde gevoelens. Ik wilde heel graag deze eilandengroep nog eens doen. In 2004 had ik niet veel geluk met het weer. Ook nu was het daar niet geweldig. Je moet er gewoon geluk hebben wat het weer betreft. Warme golfstroom ontmoet koude pooltemperaturen met als resultaat: groen zijn je eilanden. Tot mijn gelukkige verrassing had ik de laatste dag nog het mooiste -minst slechte- weer. Ook nog wel wat regen, maar ook af en toe de zon en dan zijn die eilanden meteen zo geweldig mooi. De vissersdorpjes met hun terrarode rorbuers, de vissershutjes. Magnifieke uitzichten bij Ramberg, Hamnøy en Reine. Schilderachtige baaien met hagelwitte stranden en glashelder water.

Wat me van de Lofoten zal bijblijven, zijn niet alleen de akelige steile bruggen die je over moet. Of de nauwe tunnels met soms een stoep als vluchtstrook. Maar vooral het onverwacht superdrukke verkeer dat het fietsen er niet veiliger op maakt. Bussen, motoren, campers, vrachtwagens, caravans, campers, vrachtwagens, campers, campers, de lokale bevolking, bussen, campers, bussen, campers. Nauwelijks even een moment voor een foto of om van het uitzicht te genieten. De Lofoten worden de laatste jaren bezocht door meer dan een miljoen toeristen per jaar en daar is de infrastructuur helemaal niet op berekend. De financiële infrastructuur daarentegen wél. Schandalige prijzen die er gevraagd worden voor bijvoorbeeld een overnachting. En dat bovenop een duur land dat Noorwegen voor ons is.

Met de Noorse kampioensbokaal!

In de zuidpunt van de eilanden heb ik de ferry Moskenes naar het vasteland Bodø in de avonduren genomen. Bodø een dagje bekeken en als toetje even naar het voetbalstadion van Bodø Glimt gegaan. Deze gele boeven hadden het gewaagd om AZ uit te schakelen voor ‘Europa’. Maar ík heb daar wel even met de Noorse kampioensbokaal in mijn handen gestaan!

Vanaf het plaatsje Fauske begint mijn terugroute nu echt. Vanaf hier gaat het in zuidelijke richting en is dus elke trap die ik doe, er eentje naar huis. Ik volg vanaf hier de E6, mijn Noordkaaproute van 2004. Aan te bevelen is zeker de kustroute, de RV17, volgens veel Noren de mooiste route van hun land. Ik kan dat beamen, die route heb ik nog niet zo heel lang geleden al eens gedaan. Maar je moet er wel goed weer voor hebben… Dus nu, eerst langs het fraaie Skerstadsfjord, dan door het Saltdal en vervolgens de lucht in. Een klim van 18km, onregelmatig maar met best wel steile stukken erin leidt tot een hoogte van 692m op de hoogvlakte Saltfjellet. Een woeste kale vlakte met overal reuzen van bergen met nog ruim sneeuw erop. Het dak van mijn reis, tot nu toe in ieder geval en ik denk ook dat ik niet hoger kom verder.

Saltfjellet, met 692m het hoogste punt van mijn tour

Op die hoogvlakte passeer ik voor de tweede keer de poolcirkel, nu in zuidelijke richting. Het was nog maar op 30 juni dat ik in Rovaniemi, Finland, de poolcirkel voor de eerste keer doorkruiste en in gesprek raakte met Santa Claus. 30 juni…. drie weken nog geleden, maar het lijkt me wel een eeuwigheid!

De voorspellingen voor de komende zeven dagen zijn zeven dagen regen. Gelukkig is het niet altíjd nat, soms zwijn ik er aardig doorheen. De temperaturen blijven echter flink achter. Voor wie thuis zucht onder de zomerhitte: hier manifesteert de hitte zich niet. Precies het gebied waar ik nu fiets. Pak het vliegtuig naar bijvoorbeeld Bodø. Afkoeling gegarandeerd. Negen graden, tien, met dertien graden als max, de laatste week. Tenten zit er echt niet in. Te nat, te koud. Het zijn trekkershutjes voor de overnachting die me goed bevallen, maar als ik vind dat ik een goed hotel heb verdiend, doe ik dat gewoon. Zoals vandaag in Mo I Rana. Mo aan de rivier de Rana.

Inmiddels is het vierde streepje gezet: vierduizend kilometer staan er nu op de teller en we zijn nog lang niet thuis. Maar wel op tweederde als ik het zo ongeveer inschat. Hopen alleen op betere tijden. Warmer en droger. Ik heb in de eerste weken én op de Noordkaap prachtig weer gehad. Dus echt klagen mag ik niet. Maar de laatste anderhalve week is het niet best. Donkergrijs, grauw, nat. Zo ziet Noorwegen er niet uit in de folders en op ansichtkaarten.

Geplaatst in Noordkaap 22 | 5 reacties

(16) VESTERÅLEN & LOFOTEN

STAMSUND (Lofoten), vrijdag 15 juli 2022.

Dag 49, 50, 51, 52. Route: Honningsvåg – Hurtigruten naar Risøyhamn – Sortland – Stokmarknes – Melbu – Fiskebol – Svolvær – Stamsund. Kilometerstand: 3816.

Aan de terugweg begonnen

Toen ik in mei aan deze tweede Noordkaapreis begon, had ik nog geen idee of en hoe ik terug zou gaan vanaf het hoge noorden homeword bound. Eerst maar eens kijken hoe het lijf zich zou houden, eerst maar eens kijken of ik überhaupt die uitdagende kaap wel zou halen. Maar: gelukt. Been there, done that. Wat lijf betreft: boven verwachting. Aanvankelijk nog even erin komen, maar met name in Zweden en Finland goed de smaak te pakken. Met een zware apotheose in Noorwegen als beloning. Oké, het lijf doet het niet meer zoals in 2004. Tijdens mijn eerste Noordkaaptrip reed ik gemiddelde snelheden van 23 à 24. Ik geloof m’n eigen aantekeningen van toen nauwelijks… Anno 2022 moet ik het doen met een gemiddelde van rond de 20. Ter illustratie: de laatste ultieme rit van Honningsvåg naar de Noordkaap en terug reed ik “toen” in 2uur55. Nu in 4uur10. Gemiddeld 15,6. “Toen” 22,1. Hi. Je wordt ouder papa, inderdaad.

Oplossing op termijn zou kunnen zijn elektrieke ondersteuning voor het oude lijf. Op een van de 9%-klimmen naar de Kaap werd ik flierefluitend gepasserd door drie energieke leeftijdgenoten. Vlogen me voorbij. Niet eerlijk hoor, als je zelf met een snelheid van 6 à 7 km/uur omhoog ploetert. Overigens voelde deze passeergang nog half zo beschamend als toen ik in de klim van de Col de Croix du Fer in de Franse Alpen (gisteren nog in de Tour de France) voorbij werd gelopen(!!) door een enthousiast fluitende trimmer, mij vriendelijk bonjour wensend. Die overigens op de top zijn auto instapte. In de heerlijke afdaling die volgde bleven Fiets en ik hem in zijn auto voor. Hoezo genoegdoening. Maar genoeg gemijmerd, ik mag alleen maar heel dankbaar zijn dat ik dit fietswerk weer/nog aankan na al het gedoe van vorig jaar. De steun alleen al van mijn geweldige partner Remco -“je kunt het, geloof in jezelf”- heeft me extra gemotiveerd.

De Polarys, een van de boten van de Hurtigruten vloot

De terugreis dan. Het wordt geen vliegtuig, geen bus, geen trein. Het wordt weer Fiets en ik. Wel een stukje boot om mee te beginnen. Want ik zal dit fjordengebied toch uitmoeten zonder dezelfde route in omgekeerde richting te moeten doen. Afgelopen dinsdag ben ik ingescheept op de Polarys, een van de twaalf schepen van de Hurtigrutenvloot. De voormalige postboten die 30 Noorse havens van zuid naar noord aandoet, of in mijn geval van noord naar zuid. Geen kinnesinne wat kosten betreft. Net als zoveel in Noorwegen schreeuwend duur. Maar ik ben in een dag en nacht varen wel meteen Tromsø voorbij. Ik laat me uitschepen op woensdagochtend in Risøyhamn op de Vesterålen, een eilandengroep achter de Lofoten. Beide archipels wil ik graag nog eens befietsen. In 2004 was het wat weer betreft niet zo geweldig hier.

De dag op de boot is fraai. Langs al die eilanden, door de fjorden. Zonnestralend warm. De boot vol pensionado’s geniet volop, ik incluis (slaat dit op het genieten of op de populatie??…, whatever). Het is 20 graden in Hammerfest waar we even van boord mogen. En zien hoe hier de rendieren beestendrelaxed over straat kuieren. Veel mooier weer bestaat niet.

Rendieren op straat in Hammerfest

Hoe anders is dat vanaf het moment dat ik de Hurtigruten weer verlaat. Dat is op woensdag 13 juli. De fietsreis begint aan de terugtocht over de Vesterålen. De wind is pal tegen en het is grijs, zwaarbewolkt. Ook de dag erna, als ik via het veer Melbu – Fiskebol de Lofoten bereik. Laaghangende bewolking en nevel belemmeren het zicht, dat volgens de ansichtkaarten fantastisch moet zijn. Noorwegen is ook heel mooi op ansichtkaarten. Maar het is niet voor niets dat de ansichtkaart uitsterft. De dagelijkse realiteit is anders. Weersvooruitzichten staan op zeven dagen regen en zware bewolking. Geen zon te zien. En dan te bedenken dat die hier dagelijks 24 uur de tijd heeft voor wat actie. Nevel en duister passen toch ook wel bij dit gebied. De grillige rotsformaties krijgen er nog een tintje mysterie bij.

Valburg op de Lofoten

Svolvær is de hoofdplaats van de Lofoten, telt zo’n 4700 inwoners en visserij is de normale dagelijkse bezigheid. Zo te zien aan de kanjers van hypermoderne hotels gaat het met het toerisme ook wel goed hier. Een overnachting in zo’n onderkomen begint in de buurt van de 280€. Per nacht. Doet u mij maar wat anders.

Dat kan vandaag, etappe 3 over de eilanden in de Noorse zee. Het is hopeloos wat het weer betreft. Stromende regen zonder al te veel hoop op verbetering. Mijn plannen om toeristische routes te gaan doen -lekker slingeren over kleine wegen en genieten van de omgeving- vallen in het water. Er is weinig te zien van het befaamde landschap. En de stokvis waar de Lofoten zo bekend door zijn, wil ook niet erg drogen op deze manier. Kletsnat kom ik uiteindelijk aan in het gjestehuset vlakbij Stamsund. Ik word allerhartelijkst ontvangen door AnneGerd, die het B&B runt. In 2004 was ik voor het eerst bij haar en mocht ik al van haar warme gastvrijheid genieten. In ’04 stuurde ze nog een journalist op me af, waardoor ik met mijn verhaal -fietsend naar de Noordkaap- in de Lofotenposten ben beland*. We kennen elkaar nog en praten elkaar heerlijk bij. Binnen, overdekt. Want daar is het droog.

*Dit krantenartikel staat op deze website onder ‘Fietsverhalen’.

Geplaatst in Noordkaap 22 | 4 reacties